Posts tonen met het label Gezegde. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Gezegde. Alle posts tonen

maandag 28 mei 2012

Verborgen grammaticales in raptekst Gers Pardoel


Populaire liedteksten worden in intellectuele kringen nogal eens bekritiseerd om hun oppervlakkigheid. Liefdesverdriet, de lente, lustgevoelens of landelijke voetbalelftallen, het zijn niet de meest diepgravende onderwerpen die erin aan de orde worden gesteld. Weliswaar gaat het in rapteksten wel eens om maatschappelijke onvrede of twijfel aan de zin van het bestaan, ook daar buitelen de uitbundig getatoeëerde, met goud omhangen uitvoerende artiesten en hun schaars geklede, kortstondige levenspartners tijdens niet al te filosofische gedachtewisselingen over elkaar heen.
En dan is daar ineens de Nederlandse rapper Gers Pardoel, die eerder de vaderlandse onderwijswereld in slaap suste met teksten als Ik neem je mee en Bagagedrager, maar die nu ineens op de proppen komt met een heuse grammaticales in de vorm van een raptekst.

zondag 18 juli 2010

Alles over het naamwoordelijk gezegde

 — 

Het naamwoordelijk gezegde is hartstikke makkelijk. Vergeet dat gekke rijtje met koppelwerkwoorden, vergeet de term "naamwoord," het verschil tussen werkwoordelijk en naamwoordelijk gezegde is alleen maar het verschil tussen doen en zijn. Werkwoordelijk is wat je doet, en naamwoordelijk is wat je bent. Iets is gemakkelijk (dat is zijn) of iets klopt niet (dat is doen). Meer is het niet.

Let op: dit is géén ezelsbruggetje. Een ezelsbruggetje is een trucje om iets beter te kunnen onthouden. Maar het verschil tussen doen en zijn is écht het verschil tussen werkwoordelijk en naamwoordelijk gezegde.

Waarom moet je nu nog eens goed nadenken? Wel, soms líjkt iets doen, maar ís het eigenlijk zijn. Of andersom. En soms kun je het niet eens goed beslissen.

Het is allereerst belangrijk dat je de gevallen herkent waarbij je nog eens goed moet nadenken. Hierbeneden staan ze allemaal, van makkelijk naar moeilijk:

zaterdag 3 juli 2010

Je komt er nooit van()af



Dat is schrikken! Een vraag op het taalprof-weblog. Dat is al een tijdje geleden. De taalprof dacht al dat alle vragen beantwoord waren. Maar gelukkig is er nog iemand met een prangend probleem. Het gaat om het volgende:

Vandaag in de NRC: "“Ze probeerden zelfs jarenlang om er vanaf te komen."
Moet dit niet zijn: "Ze probeerden zelfs jarenlang om ervan af te komen." ? 'af' hoort toch bij het werkwoord 'komen' ('afkomen') en niet bij het 'van' of maak ik een denkfout?
Eigenlijk betreft het een spellingvraag, en op dat gebied is de taalprof geen specialist, maar in dit geval kun je het ook zien als een ontleedvraag: hoe zit die zin in elkaar?

woensdag 16 juni 2010

Hoe interessant het ook is



De taalprof kijkt af en toe (niet vaak genoeg) ook wel eens op het forum van de digitale school. Dat is een vrij matig bezocht forum bestemd voor docenten Nederlands. Niet zo heel veel postings (tien, twintig per maand), maar je kunt wel zien hoe vaak ze bekeken worden. De meeste een paar honderd keer, maar de afgelopen maand springen er twee uit: de ene met het onderwerp naamwoordelijk gezegde, en de ander met 'dit huis is van mij' ontleed deze zin, allebei ongeveer 10.000 keer bekeken. Blijkbaar zijn heel veel mensen daarin geïnteresseerd.

dinsdag 25 mei 2010

Bij twitter is zorgvuldigheid geen ruimte voor



Zo af en toe twittert de taalprof ook wel eens, maar dat valt nog niet mee. Dan zie je iets leuks, of iemand vraagt iets interessants, en dan moet je daar in 140 tekens op reageren. Hoe doe je dat? Als iemand iets over een zin vraagt, moet je die zin dan helemaal herhalen? Dan ben je al een groot deel van je tekens kwijt. Want je kunt niet rechtstreeks verwijzen naar de vraag, of wel? Ik houd me aanbevolen voor tips.


In ieder geval: iemand vraagt mij wat ik maak van de zin Zonder twitter was het debat helemaal geen bal aan. Interessante vraag! Maar het antwoord kost me meer ruimte.

woensdag 3 maart 2010

Laat dit nou best lastig zijn



Je zou denken dat de Taalprof overal snel een antwoord op heeft, maar dat is niet zo. Sommige ontledingen zijn zo lastig dat een oplossing niet meteen voor de hand ligt. Zo stelde vanmorgen iemand de vraag naar de ontleding van de zin Laat het soldatenmes Zwitsers blijven. Is dat een naamwoordelijk gezegde? Wat is het onderwerp? Dat is nog best lastig.

zaterdag 7 november 2009

Het moet maar eens afgelopen zijn




Als Taalprof heb je nooit rust. Voortdurend vallen je kleine dingen op in het taalgebruik van mensen om je heen. Net nog: ik heb net het vorige logje geplaatst, ik loop naar de keuken waar Radio Een opstaat, en ik hoor de verslaggever zeggen: Dat moet maar eens afgelopen worden, ehh, dat moet maar eens afgelopen zijn.


He wat flauw, dat is toch gewoon een vergissing?

zondag 31 mei 2009

Sluikreclame voor werkwoordelijk gezegde




Er lijkt zich tegenwoordig maatschappelijk een overdreven aandacht voor het werkwoordelijk gezegde af te tekenen. Het naamwoordelijk gezegde komt er een beetje bekaaid af. In de eindtermen voor het basisonderwijs wordt wel het werkwoordelijk gezegde genoemd, maar niet het naamwoordelijk gezegde. En dan worden wij ook nog eens om de haverklap in allerlei reclames aangespoord om dingen gewoon te dóén. Als dat geen teken van de tijd is.

donderdag 8 januari 2009

Fijne site dit!




"Zie ik dat nou goed? Zit de taalprof andere blogs te lezen?"
"Ja, wat zou dat?"
"Heb je niet genoeg aan je eigen blog?"
"Jawel, maar hier staat een leuke uiting."
"Een leuke uiting? Wat dan?"
"Hier, lees maar: Fijne site ook dit!"
"Wat is daar leuk aan?"

dinsdag 23 december 2008

Taalprof niet gediend




Het kwam onlangs weer ter sprake op het taalprof-weblog: meestal staat een naamwoordelijk deel van het gezegde vóór de werkwoordelijke eindgroep, maar soms staat het erachter. Met name als het eruit ziet als een werkwoord. Je zegt wel Hij kan wel ziek zijn en niet *Hij kan wel zijn ziek, maar ?Hij zou daarmee zijn behept hoor je ook wel eens, en behept is toch naamwoordelijk deel.


Vanmorgen hoorde de taalprof twee keer zo'n voorbeeld op de radio.

zaterdag 13 december 2008

Uitgehuldigd



Het was vorige week zaterdag, 6 december. De presentator van Studio Sport kondigde de onderwerpen in de uitzending aan, onder andere een reportage over olympisch kampioen Maarten van der Weijden. Die was, zo merkte hij op, nog niet uitgehuldigd.


Hè? Nog niet uitgehuldigd? Dat klinkt wel heel erg vreemd. Wat is hier aan de hand?

donderdag 6 november 2008

Goede raad kost duur



Naar aanleiding van een lezersvraag gisteren herinnerde de taalprof zich een oudere discussie (zie punt 4 in de link, en de voorgaande discussie), over de zin Hoeveel kost die auto? Die discussie zat een beetje verborgen in de vragenrubriek van deze site, maar hij is eigenlijk best een aparte bespreking waard.

Daarom nu: Hoeveel kost die auto? en wat is dan Hoeveel?

zondag 9 december 2007

Verhinderd want bedekt met bladeren




Twee dezelfde vragen binnen een paar dagen, dat kan geen toeval zijn! Eentje in de vragenrubriek van deze site, eentje op de mailinglijst voor docenten Nederlands. Nou ja, dezelfde vragen, ze gingen over andere zinnetjes, maar de kwestie is dezelfde.

De ene vraag luidde: wat is de ontleding van de zin De man is verhinderd? En de andere: wat is de ontleding van De straat was bedekt met bladeren? Allebei de vragen kunnen op dezelfde manier worden beantwoord. De centrale vraag is: wat is de tijd waarin de zin staat?

dinsdag 24 juli 2007

Blijvend te technisch theoretisch




Stel je de Taalprof de vraag of een bepaalde zin "grammaticaal wel in orde is," dan krijg je al gauw een uitgebreide taalkundige analyse als antwoord. En mocht je dan nog volhouden, dan kun je het ook nog eens op een andere manier te horen krijgen.

Is dit bevredigend? "Vaak vind ik hem te technisch theoretisch" zegt dan iemand over de Taalprof in een discussie elders op het internet. O, het moest niet technisch of theoretisch? Dat kan ook.

vrijdag 9 februari 2007

Alles heeft zijn prijs



Ha fijn, weer een discussie! Een lezer vraagt de taalprof: wat is de ontleding van de zin Wat is de prijs van die auto? En meer in het bijzonder, hoe benoem je het woordje wat? Naamwoordelijk deel van het gezegde, of... bijwoordelijke bepaling? Zo op het eerste oog een makkelijke vraag, maar ongemerkt ontspint zich een discussie die een interessante constructie boven water haalt.

Het voor de hand liggende antwoord op de vraag is (althans in mijn beleving): in de zin Wat is de prijs? is Wat het naamwoordelijk deel van het gezegde. De zin is de vragende vorm van De prijs is 1 euro, en in die zin is is koppelwerkwoord. Je kunt het vervangen door vrijwel elk ander koppelwerkwoord: De prijs is, blijft, wordt, lijkt, schijnt, blijkt 1 euro, het is allemaal prima. Ook de betekenis is in orde: die 1 euro is een nadere specificatie van de prijs, je zou het als een eigenschap van de prijs kunnen zien. Net als De prijs is hoog.


Wat kan iemand hier nou op tegen hebben?

donderdag 11 januari 2007

The battle continues...



Nieuws van het docentenforum, over aan het koken zijn! De taalprof kan tegenwoordig niet meer op dat forum reageren zonder zijn geheime identiteit te onthullen, dus zet hij de discussie op zijn eigen weblog voort, in de hoop dat hij hier ook gelezen wordt.


Twee docenten die al eerder stevig aan het debat hebben deelgenomen, Henk Bakker en Aad Lohman, brengen nog eens een aantal argumenten in stelling tegen de naamwoordelijke ontleding van ik ben aardappelen aan het koken, en vóór de werkwoordelijke ontleding. Twee van hun eerdere argumenten heb ik al hier genoemd en besproken. Maar daarmee is de koek dus nog niet op.

donderdag 28 december 2006

Dolkstoot in de rug



Ik beloof dat ik nog eens een keer een mooie afgewogen samenvatting zal maken van die discussie over de ontleding van ik ben aan het koken. Ook al lijkt de discussie een beetje uitgewoed, ik vind nog steeds extra argumenten waar ik in ieder geval mijzelf kostelijk mee amuseer. En de volgende redenering vind ik zelfs de moeite waard voor een apart logje.


Zal ik eerst nog maar even vertellen waar het over gaat, voor degenen die het hart niet hebben om de hele discussie erop na te slaan?

maandag 18 december 2006

Rare jongens, die Engelsen



Als je in een Engelse grammatica naar de term bepaling van gesteldheid zoekt, kom je bij een aantal verschillende termen uit: subject complement, object complement, en predicative adjunct. Kijk je vervolgens bij subject complement, dan vind je dat dat weer overeenkomt met wat wij naamwoordelijk deel van het gezegde noemen. Hûh? Zijn die Engelsen nou helemaal gek geworden?