dinsdag 4 november 2008

Wat is een voorzetselvoorwerp?



Het is een van de moeilijkste zinsdelen, en zelfs de taalprof heeft er nog niet echt een makkelijke uitleg aan gewijd. Maar beter laat dan nooit. Wat is een voorzetselvoorwerp? En dan eenvoudig verteld graag!

Een voorzetselvoorwerp is een voorwerp. Hèhè, da's ook flauw. Maar toch is het een goede opmerking. Want een voorwerp is namelijk geen bepaling.


Wat is het verschil tussen voorwerpen en bepalingen? Voorwerpen horen bij het werkwoord, en bepalingen staan er toevallig bij. Hoe kun je dat vaststellen? Dat gaat met je taalgevoel.


Bij ieder werkwoord kun je namelijk één of meer aanvullingen bedenken. Die aanvullingen bestaan uit de woordjes iets of iemand, eventueel voorzien van een voorzetsel. Voorbeeldje: bij geloven heb je in iets geloven, bij adviseren heb je iemand iets adviseren (of aan iemand iets adviseren). Bij lezen heb je iets lezen, bij vergelijken heb je bijvoorbeeld iets met iets vergelijken. Al die ietsen en iemanden zijn voorwerpen.


En hoe zit het dan met bepalingen? Die kunnen er wel bij, maar die hebben hun eigen betekenis. Het is in iets geloven (voorwerp) maar niet in iets zitten (bepaling). Als je gelooft, dan geloof je altíjd in iets. Als je zit, zit niet niet altijd in iets (maar soms ook op iets, of naast iets). In iets is daar een losse plaatsbepaling.


Voorwerpen zijn eigenlijk de bijbehorende aanvullingen bij het werkwoord. In buitenlandse grammatica's heten ze dan ook vaak "complementen" (complements): ze completeren het werkwoord.


Wat is nou een voorzetselvoorwerp? Dat is een voorwerp dat per se met een voorzetsel begint. Je hebt drie soorten voorwerpen (eigenlijk vier, maar de vierde is een speciaal geval): lijdende voorwerpen (die hebben nooit een voorzetsel), meewerkende voorwerpen (die hebben eventueel het voorzetsel aan, voor of bij, maar dat kan ook weggelaten worden), en voorzetselvoorwerpen (die hebben altijd een voorzetsel, en vaak ook nog een vast voorzetsel).


Daarom is op iets in op iets rekenen een voorzetselvoorwerp (behalve als het op een rekenmachine is), en in op iets staan een bijwoordelijke bepaling. En naar iets is voorzetselvoorwerp in naar iets verlangen, maar bijwoordelijke bepaling in naar iets lopen.


Soms is het verschil tussen voorzetselvoorwerp en bijwoordelijke bepaling moeilijk te beoordelen. Soms ook kun je iets op twee manieren opvatten (bijvoorbeeld op de nieuwe motorkap van de auto wachten). Maar wat je je steeds af moet vragen is: is dit zinsdeel nu een aanvulling op het werkwoord, of staat het er min of meer los bij?


O ja: en wat heb je eraan als je dit weet? Nou, de combinatie tussen voorwerpen en werkwoorden is in alle talen een van de belangrijkste bouwprincipes van de zin. In veel talen krijgen juist de voorwerpen speciale naamvallen of markeringen (het Duits, of het Japans), of worden juist de voorwerpen in de werkwoorden opgenomen (het Turks bijvoorbeeld). In het Nederlands staan voorwerpen vaak op vaste plaatsen (bijvoorbeeld het meewerkend voorwerp zonder voorzetsel, of het lijdend voorwerp, dat niet achter het voltooid deelwoord kan staan).


Als je het verschil tussen voorwerpen en bepalingen snapt, begrijp je beter hoe taal in elkaar zit. Ook jouw taal.

22 opmerkingen:

  1. @taalprof: je maakt me nieuwsgierig. Wat is, naast lijdend-, meewerkend- en voorzetselvoorwerp die vierde, speciale groep?

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Even iets anders. Bij het lezen struikel ik over de zinssnede "maar de vierde is een speciaal geval". "Voorwerp" is een het-woord. Kun je daar met "de vierde" naar terugverwijzen? Volgens mijn taalgevoel in ieder geval niet.

    BeantwoordenVerwijderen
  3. (Sorry, zinsnede, zo spel je dat.)

    BeantwoordenVerwijderen
  4. Helder uitgelegd! Ik vroeg me wel af, als de andere voorwerpen in officiele termen 'direct object' en 'indirect object' heten, hoe heet dan het voorzetselvoorwerp? Het 'prepositie object'?
    Mijn taalgevoel heeft ook beetje (maar verder niet erg belangrijk) commentaar: in 'op iets staan' zou 'op iets' toch ook best een voorzetselvoorwerp kunnen zijn? Als je zegt: 'Ik wil dat je dit doet, ik sta erop!' kun je niet zeggen 'Ik sta eronder!' of 'Ik sta ernaast!'.

    BeantwoordenVerwijderen
  5. @Hans: met 'de vierde' verwees ik terug naar 'de vierde soort.'

    BeantwoordenVerwijderen
  6. @Wessel Stoop: Inderdaad, in het Engels heet het bijvoorbeel "prepositional object," in het Duits "Präpositionales Objekt".
    Met betrekking tot 'op iets staan': je hebt gelijk, die betekenis had ik mij niet gerealiseerd.

    BeantwoordenVerwijderen
  7. Oké, super bedankt! En uiteraard was het volkomen duidelijk hoe u 'op iets staan' bedoelde, maar ik wilde het volledigheid even opmerken.

    BeantwoordenVerwijderen
  8. @taalprof: er zou (volgens Klooster) nog een vijfde groep bestaan, 'pseudo-voorwerp' of 'specificerend complement' genaamd.

    BeantwoordenVerwijderen
  9. @Steven: Ja dat klopt. Daar heb ik het met Arie Molendijk al eens over gehad. Zie http://taalprof.web-log.nl/taalprof/2006/02/vragen_6.html#comment-18054758 (onder punt 4, waar ik Klooster aanhaal). In de voorgaande discussie kun je lezen dat het mijn voorkeur heeft om die gevallen als naamwoordelijke gezegdes te beschouwen met vervangende koppelwerkwoorden. Het gaat dan om zinnen als 'Die auto kost 10.000 euro'.

    BeantwoordenVerwijderen
  10. In Havo-2 hadden we het over 'veroordelen tot'. Een wakkere leerling stelde de vraag: 'Je kunt toch ook zeggen: "veroordeeld voor iets"?', waarbij iets een bepaald misdrijf is.
    Ik had geen duidelijk antwoord paraat, maar heb beloofd me erin te verdiepen. Zo bedacht ik ook nog dat 'veroordeeld door de rechter' een combinatie kan zijn. Zo is er niet duidelijk sprake van een vast voorzetsel, althans niet voor de leerlingen. Ook voel ik zelf niet goed aan bij welke combinatie (tot, voor of door) er een aanvulling op het werkwoord wordt gegeven.
    Volgens mij is 'door' geen vzv, maar leg dat maar eens uit... 'Tot' is een duidelijk geval. 'Voor' vind ik weer twijfelachtig.
    Op de opleiding heb ik geleerd om te kijken of het voorzetsel letterlijk of figuurlijk opgevat kan worden (wat bij het wachten op de motorkap allebei kan). Dit vind ik in het geval van de veroordelingen ook minder goed aan te geven.
    De vraag: hoe moet ik e.e.a. uitleggen?

    BeantwoordenVerwijderen
  11. @Sander: Ik snap wel dat je graag een eenvoudige uitleg hanteert met behulp van de term "vast voorzetsel," maar de moeilijkheid is dat dit niet precies het criterium is waar het voorzetselvoorwerp op gebaseerd is.
    Waar het om gaat is of het zinsdeel een voorwerp bij het werkwoord is, en dus een thematische rol vervult die alleen van het werkwoord afhankelijk is. Je kunt dat beargumenteren vanuit de betekenis die in het voorzetsel zit. In jouw voorbeeld 'iemand veroordelen voor een misdrijf' kun je aanvoeren dat de betekenis van het voorzetsel 'voor' iets is als "vanwege, op grond van." En als de zin zou zijn 'Ik veroordeel jou vanwege dit misdrijf' dan zou je geen moment aarzelen om 'vanwege dit misdrijf' als bijwoordelijke bepaling te benoemen.
    Je voorbeeld met 'door' is voor een deel een ander geval. Dat is de door-bepaling die je bij een lijdende vorm hebt. Die door-bepaling komt niet voor in een formule als 'iemand veroordelen door iemand' of zoiets. Die door-bepaling krijg je alleen in de lijdende vorm 'veroordeeld worden door iemand,' maar dan is het onderwerp van die lijdende vorm ook de veroordeelde en niet de veroordelaar.
    Ook in het geval van de door-bepaling bij de lijdende vorm kun je trouwens beargumenteren dat er een soort oorzaak-betekenis in het voorzetsel 'door' zit.
    Figuurlijk en letterlijk is ook niet precies de kwestie. Bij 'wachten op de motorkap' is de "letterlijke" betekenis de betekenis waarbij 'op' de ruimtelijke betekenis heeft: "boven op." In dat geval zit er een duidelijke betekenis in het voorzetsel 'op.' In de "figuurlijke" betekenis hééft 'op' geen betekenis, want de doel-betekenis zit niet in het woordje 'op,' maar in de betekenis van het werkwoord 'wachten.' Als je wacht, dan heeft dat wachten een doel. Dat is het voorwerp van wachten.

    BeantwoordenVerwijderen
  12. taalprof, vzv is niet een van de moeilijkste zinsdelen bullshit dat jullie dat niet hebben

    BeantwoordenVerwijderen
  13. @PURE SHIT: OK, welk zinsdeel is dan het moeilijkste?

    BeantwoordenVerwijderen
  14. Voor Sanders goed begrip is het misschien goed om op te merken dat er twee werkwoorden "veroordelen" bestaan.
    Je hebt als eerst "veroordelen" met alleen een lijdend voorwerp. Dat betekent zoiets als "schuldig verklaren". Zo kun je zeggen "Hij veroordeelde haar gedrag niet" of "De rechter veroordeelde de politicus".
    Ten tweede heb je "veroordelen" met zowel een lijdend voorwerp als een voorzetselvoorwerp. Dat krijgt de vorm "iemand veroordelen tot iets" en heeft als betekenis "iemand dwingen tot het ondergaan van iets". Dat "veroordelen" heb je in de zin "De rechter veroordeelde de politicus tot het betalen van een schadevergoeding". In deze betekenis kan "tot iets" niet ontbreken.
    Sanders voorbeeldzinnen en de uitleg van de taalprof gaan over het eerste "veroordelen". Op grond van de betekenis zijn ze makkelijk te onderscheiden van het andere "veroordelen".

    BeantwoordenVerwijderen
  15. @Henk: Van Dale spreekt in het eerste geval over de betekenis "afkeuren," en in het tweede over "het genoemde oordeel uitspreken over iemand."
    Het verwarrende van deze toevoeging is dat beide betekenissen bestaan in de combinatie 'iemand veroordelen voor een misdrijf.' Dat wekt -ten onrechte- de suggestie dat het in de ene betekenis geen, en in de andere betekenis wel een voorzetselvoorwerp betreft. In beide betekenissen betekent 'voor' echter iets als "vanwege," en heb je dus een sterk argument voor de benoeming bijwoordelijke bepaling.

    BeantwoordenVerwijderen
  16. Volgens mij kun je juist in de combinatie 'iemand veroordelen voor een misdrijf' het best even kijken naar de betekenis.
    (1) De rechter veroordeelde de politicus voor belediging.
    (2) De rechter veroordeelde de politicus voor belediging tot een jaar cel.
    In zin (1) vertel je dat de rechter de politicus schuldig verklaarde. In niet-juridische contexten is dan min of meer synoniem aan 'afkeuren'.
    In zin (2) vertel je niets over het al dan niet schuldig zijn, maar zeg je dat de rechter de politicus dwingt tot iets (namelijk het ondergaan van een celstraf). De schuldvraag is dan waarschijnlijk al eerder beantwoord.
    Het lijkt mij - net als jou - evident dat "voor belediging" in beide gevallen niets anders kan zijn dan een bijwoordelijke bepaling, een niet-verplicht extra stukje informatie.
    Dan zijn we het toch eens?

    BeantwoordenVerwijderen
  17. @Henk: Ja we zijn het wel eens over die benoeming, maar volgens mij doet dat hele betekenisverschil van 'veroordelen' er in dit verband niet toe. Het gaat om de betekenis van het voorzetsel 'voor.' Is die zodanig dat daar de thematische rol van die belediging uit verklaard kan worden, dan is het bijwoordelijk.

    BeantwoordenVerwijderen
  18. @Taalprof: klopt natuurlijk, maar je zou kunnen denken dat je maar één werkwoord "veroordelen" hebt, waar allerlei voorzetsel passen zoals "tot", "voor" en "door". Die voorzetsels lijken dan gelijkwaardig en het is niet meteen duidelijk waarom "tot" een andere status heeft dan "voor" en "door". Volgens mij is dat wat Sander en zijn leerlingen dachten.
    We zeggen allebei: er zijn twee werkwoorden "veroordelen": nr. 1 met alleen een lijdend voorwerp en nr. 2 met zowel een lijdend voorwerp als een voorzetselvoorwerp. Dat het niet gaat om hetzelfde werkwoord kun je op verschillende manieren laten zien. Eén (makkelijke) manier is door te kijken naar de betekenis van nr. 1 en nr. 2, die is duidelijk verschillend.

    BeantwoordenVerwijderen
  19. @Henk: Ja sorry, maar nou praten we geloof ik langs elkaar heen. Wat ik beweerde was dat dat hele betekenisverschil van 'veroordelen' er niets toe doet. In beide betekenissen van 'veroordelen' is het zinsdeel met 'voor' bijwoordelijk. Jij bent dat wel met me eens, maar je vindt het toch om de een of andere reden nuttig om naar die twee betekenissen van 'veroordelen' te kijken.
    Ik ben het op mijn beurt graag met je eens dat het, onafhankelijk van die ontleding, interessant is om die twee betekenissen te bekijken, maar juist in het kader van die ontleding kan het alleen maar verwarrend zijn, Als je bij de ontleding van het zinsdeel met 'voor' op de proppen komt met twee betekenissen van 'veroordelen,' dan suggereer je op zijn minst dat daar ook twee ontledingen van dat zinsdeel mee samenhangen. En die suggestie frustreer je dan weer door tot de conclusie komen dat die betekenissen er voor die ontleding niets toe doen.
    Daarnaast leg je mijns inziens ten onrechte de nadruk op de betekenis van het werkwoord. Volgens mij is het beter om eerst naar de betekenis van het voorzetsel te kijken.

    BeantwoordenVerwijderen
  20. Dag,

    Als je de zin hebt: ik denk aan mijn moeder. Is aan mijn moeder dan een vzv of een mv? Denken aan is een vast voorzetsel, maar aan wie denk ik? Dan krijg je ook weer aan mijn moeder als antwoord. #confused

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Dit is een klassiek voorbeeld van een voorzetselvoorwerp. Het voorzetsel 'aan' heeft eigenlijk geen betekenis, 'mijn moeder' is gewoon datgene wat je in je gedachten hebt.

      Je kunt 'aan' ook niet weglaten (wat bij een meewerkend voorwerp altijd in een bepaalde woordvolgorde kan). En ten slotte heb je ook een geval als 'Ik denk eraan dat mijn moeder jarig is,' waarbij 'eraan' een voorlopig zinsdeel is. En een voorlopig meewerkend voorwerp bestaat niet, wel een voorlopig voorzetselvoorwerp.

      Jij raakt in verwarring omdat je alleen maar het vuistregeltje toepast dat je het meewerkend voorwerp kunt vinden door de vraag 'aan wie + pv + ond.' Deze vuistregeltjes zorgen vaker voor verwarring. Je kunt beter proberen te werken vanuit het inzicht in wat het wezenlijke verschil tussen mv en vzv is. Dat zit hem in het weglaatbare voorzetsel.

      Verwijderen