zaterdag 25 april 2015

Ik denk niet dat iemand het begrepen heeft

Rutger kwam er niet goed uit, vandaag in de Taalstaat. Een luisteraar had zich al jaren geërgerd aan het "foutieve" gebruik van het woordje niet in de zin Ik denk niet dat het regent. Je bedoelt toch immers Ik denk dat het niet regent? Nou, zég dat dan!

Genuanceerd taaladviseur als hij is probeerde Rutger duidelijk te maken dat je best Ik denk niet dat het regent kunt zeggen als je bedoelt Ik denk dat het niet regent. Want, zo probeerde hij uit te leggen: als je zegt dat je iets niet denkt, dan zit daar automatisch de betekenis in dat je juist het omgekeerde wel denkt.

Het is een begrijpelijke poging om het voor een breed publiek aannemelijk te maken, maar ik denk niet dat verstokte critici nu ineens overtuigd zijn. En dat komt omdat de uitleg eigenlijk niet klopt.

Wat er echt aan de hand is, probeerde Rutger wel te vertellen: bij sommige werkwoorden kun je een ontkenning uit de bijzin halen en voor aan de zin zetten voor extra nadruk. Dat klopt, maar het raakte ondergesneeuwd door die verkeerde uitleg dat je door te zeggen dat je iets niet vindt, automatisch het omgekeerde zou vinden. Want dat laatste klopt natuurlijk niet. Dat is bij andere werkwoorden ook niet zo: stel dat het regent, en ik weet niet dat het regent, dan kun je niet concluderen dat ik wel weet dat het niet regent. Want het regent wel, ik wéét het alleen niet.

Wat is er dan wel aan de hand? Wel, niets meer of minder dan wat Rutger tussen neus en lippen zei: bij sommige werkwoorden, zoals denken, hopen en verwachten kun je de ontkenning uit de bijzin naar voren halen. En bij andere werkwoorden kan dat niet.

Hoe had hij dit beter kunnen uitleggen? Ik denk dat hij eerst duidelijke verschillen naar voren had moeten halen, en allereerst zonder oordeel. Hij had bijvoorbeeld kunnen zeggen: mensen gebruiken inderdaad Ik denk niet dat het regent in de betekenis Ik denk dat het niet regent. Dat is echter beperkt tot een paar werkwoorden. Bij de meeste werkwoorden kan dat niet. Je kunt niet Ik weet niet dat het regent gebruiken in de betekenis Ik weet dat het niet regent. En Ik vind het niet leuk dat het regent kan nooit betekenen Ik vind het leuk dat het niet regent. Wat is daar aan de hand?


Bij sommige werkwoorden, zoals denken, hopen, verwachten, geloven, kun je een ontkenning in de bijzin naar voren halen. Dan krijg je bijvoorbeeld in plaats van Ik geloof dat het niet regent de zin Ik geloof niet dat het regent, in dezelfde betekenis. Maar wacht: het woordje niet kun je ook nog steeds gebruiken om geloven te ontkennen. Dat betekent dat Ik geloof niet dat het regent dubbelzinnig is. Niet is de ontkenning die bij de bijzin hoort, of de ontkenning die bij geloof hoort.

Het mooie is dat je dit kunt horen: als je zegt Ik gelóóf niet dat het regent, met klemtoon op geloof en geen klemtoon op niet, dan heb je de ontkenning van geloof. Zeg je daarentegen Ik geloof níét dat het regent, zonder klemtoon op geloof en met klemtoon op niet, dan is het de naar voren gehaalde ontkenning, die eigenlijk bij de bijzin hoort.

En dan nu de vraag of het fout is: nee, dat is niet zo. Bij de genoemde werkwoorden kun je dat rustig doen, het behoort tot het taalsysteem van het Nederlands, het is in de handboeken beschreven en het draagt het stempel van de goedkeuring door de taaladviseurs. O ja, en je voelt het zelf al. Er is dus he-le-maal niks mis mee. Onterechte ergernis!

13 opmerkingen:

  1. Ik deel de tweede observatie over de zinsklemtoon niet. Volgens mij kun je best klemtoon op 'niet' leggen en toch de ontkenning op 'geloven' laten slaan ('Dus jij gelooft vurig dat het regent?' 'Nee, ik geloof níét dat het regent.')

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Ja da's waar, dat is dan in de context van wat ook wel 'radicale ontkenning' genoemd wordt. Dat je niet alleen ontkent, maar ook nog eens iets tegenspreekt. Ik bedoelde het in een min of meer neutrale context.

      Verwijderen
  2. Het is misschien wel aardig om op te merken dat hetzelfde verschijnsel in het Engels voorkomt en daar uitgebreid bestudeerd is: dit ondersteunt de opvatting dat het verschijnsel deel uitmaakt van het taalsysteem. Voor een uitgebreide overzicht kan je terecht bij Laurence R. Horn (1989). A Natural History of Negation, University of Chicago Press.

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Via betekenis/pragmatiek kom je ook echt wel ergens, volgens mij. Wat gedachtespinsels (die waarschijnlijk veel vaker gedaan zijn):

    Variant A:
    "Ik weet niet dat het regent." impliceert niks; het sluit alleen uit dat "ik weet dat het regent". Deze boodschap is echter onmogelijk geloofwaardig te uiten. (Zodra iemand zegt niet te weten dat het regent, geeft hij er blijk van te weten dat het regent, want "weten" is factief.)

    Variant B:
    "Ik weet dat het niet regent." kan volgens mij niet anders dan impliceren dat "ik ook niet weet dat het regent". Als "ik wel zou weten dat het regent", zou het namelijk onmogelijk zijn tegelijkertijd "te weten dat het niet regent". Een mens kan tenslotte niet twee tegenovergestelde dingen weten. Ik zou dus niet willen zeggen dat het een het ander niet (impliciet) ook betekent, maar alleen dat het verschil maken in de plaats van de negatie bij zinnen met "weten" volkomen effectloos/zinloos is.

    Bij "geloven", "denken", "verwachten" en "hopen" heeft het verschil in de plaats van de negatie nog wel effect.

    Variant A:
    "Ik geloof niet dat het regent." impliceert ook niets, maar kan nog wel geloofwaardig geuit worden. Door die boodschap te uiten, geef je er geen blijk van tegelijkertijd wel te geloven dat het regent.

    Variant B:
    "Ik geloof dat het niet regent." gaat qua implicaties wel hetzelfde als "weten".


    Het hier genoemde voorbeeld met "vinden", vind ik niet vergelijkbaar. "Ik vind dat het niet regent." is wat vreemd, maar kan strikt genomen wel. En dan staat "vinden" in het rijtje van "geloven", "denken" etc. "Leuk vinden" is weer een ander verhaal.

    Variant A:
    "Ik vind het niet leuk dat het regent." impliceert niets; het sluit alleen uit dat "ik het leuk vind dat het regent". Er is (net als bij "weten") echter geen communicatieve situatie voor te stellen waarin "ik vind het niet leuk dat het regent" niet ook impliceert dat "ik het leuk zou vinden als het niet regende", wat weer impliceert dat "ik het leuk vind dat het niet regent (in het geval dat het inderdaad niet zou regenen)". In dat geval is de uiter van die boodschap namelijk onverschillig (wel/geen regen > niet leuk) en onverschillige mensen houden bijna per definitie in het midden wat ze wel/niet leuk vinden.

    :D


    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Edit: het was laat gisteren en niet allemaal even duidelijk. Pff...

      Verwijderen
    2. Je hebt natuurlijk gelijk in je bewering dat het bij 'weten' raar is om te zeggen 'ik weet niet dat het regent,' omdat de factiviteit van 'weten' impliceert dat je dat dan wel weet. Echter, de onmogelijkheid om de ontkenning naar de hogere zin te halen lijkt me niet alleen uit die factiviteit te verklaren. Een voorbeeld als 'Hij beweert niet dat het regent' kun je niet opvatten als betekenisgelijk aan 'Hij beweert dat het niet regent,' en toch is 'beweren' niet factief ('hij beweert dat het regent' impliceert niet dat het regent). Blijkbaar hangt de mogelijkheid van die interpretatie toch samen met de keuze van het werkwoord.

      Dat het alleen met de betekenis van het werkwoord te maken zou hebben is ook al onwaarschijnlijk, want er is een geval bekend van een werkwoord dat in de ene taal wel die mogelijkheid vertoont en in de andere niet. In het Nederlands is 'Ik hoop niet dat ik zak.' op te vatten als betekenisgelijk aan 'Ik hoop dat ik niet zak,' maar in het Engels is 'I do not hope I will flunk' niet gelijk aan 'I hope I will not flunk' (het voorbeeld is uit een artikel van de taalkundige Wim Klooster). Als het alleen om de betekenis van het werkwoord zou moeten gaan, is dit onverwacht.

      Er is trouwens wel discussie in de literatuur over de vraag of het nu om semantische of pragmatische factoren gaat, of over specifieke werkwoorden die "het doen." Je kunt die literatuur vinden als je zoekt op het trefwoord 'Negative Raising.'

      Verwijderen
    3. Allereerst: deze kop op nu.nl is mooi in dit kader: 'Napoli maakt donderdag vertrek Benitez naar Real bekend' (vandaag geplaatst (de woensdag ervoor)). :-)

      Ik heb nog een poosje gedubd.
      Ik heb niet willen zeggen dat het per se factiviteit is die in ieder afzonderlijk geval bepaalt of de negatie wel/niet op een bepaalde plaats kan in een bepaalde betekenis. Ik denk alleen dat "het ene werkwoord kan dit wel en het andere werkwoord kan dit niet" en "dat is het taalsysteem van het Nederlands" niet voldoende is om een "ergeraar" te overtuigen. Het systeem is zoals het is (in verandering natuurlijk... blablabla), maar daarmee is nog niets gezegd over wat maakt dat het systeem zo is.

      Verder denk ik dat de zin "Hij beweert niet dat het regent" eerder aantoont dat de betekenis (dan wel pragmatiek) een grotere rol speelt dan "systeem" dan andersom. "Beweren" is dan wel niet factief, maar iemand die een uitspraak doet over iemand die iets beweert, (zoals "hij beweert dat ... "), doet uitspraak over of iets wel gebeurt of niet gebeurt. "Denken", "hopen", "verwachten" en "geloven" gaan meer over houdingen die iemand wel of niet heeft.

      Ik heb dat artikel van Wim Klooster bestudeerd. Interessant voor zover ik het begrijp :-). Een mogelijke conclusie (nog wel passend binnen mijn optiek) is volgens mij dat "hopen" in het Engels nog meer als een handeling (proces, misschien?) wordt gezien dan in het Nederlands. Dan betekent "to hope" dus niet helemaal hetzelfde als "hopen". Een Nederlandse vorm die daar wat op lijkt, zou "duimen" kunnen zijn. Als in: "Ik duim voor je dat je je tentamen haalt". Het is een beetje raar om te zeggen en ik denk ook niet dat het snel goedgekeurd zou worden, maar "Ik duim niet voor je dat je je tentamen haalt", heeft volgens mij een vergelijkbare betekenis als "I do not hope you will pass".

      Verwijderen
    4. Merijn Kooijman19 mei 2016 om 03:00

      Bijna precies een jaar later in De Speld:

      Rutte gaat ogen dicht knijpen en heel hard hopen dat Turkije verandert
      http://speld.nl/2016/05/18/rutte-gaat-ogen-dicht-knijpen-en-heel-hard-hopen-dat-turkije-verandert/

      Wat als straks blijkt dat Rutte niet heeft gehoopt dat Turkije verandert? Dan: Rutte hoopte niet dat Turkije veranderde, luidt het verwijt van het CDA.

      Verwijderen
  4. Je kunt misschien ook het volgende paar nog gebruiken om te laten zien dat de sleutel niet in factiviteit zit:

    1) Het is me bekend dat het niet regent.
    2) Ik weet dat het niet regent.

    Zin 1) en 2) zijn volgens mij synoniem. Nou kun je door de ontkenning naar de hoofdzin te halen van 1) wel 3) maken, maar van 2) niet 4).

    3) Het is me niet bekend dat het regent.
    4) *Ik weet niet dat het regent.

    Ontkenningen kunnen op wel meer vreemde plaatsen opduiken. Zo zijn er mensen voor wie zin 5) en 6) synoniem zijn:

    5) Niet iedereen heeft daar verstand van (maar ik wel).
    6) Iedereen heeft daar geen verstand van (maar ik wel).

    Hetzelfde geldt voor 7) en 8):

    7) Niet overal kan gestrooid worden (want er zijn maar weinig strooiwagens)
    8) Overal kan niet gestrooid worden (want er zijn maar weinig strooiwagens)

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Lijkt me een goed voorbeeld, al aarzel ik een beetje bij de gelijke betekenis van (1) en (2). In het kielzog van de koningsliedkwestie heb ik een hele discussie gehad over de factiviteit van 'weten,' en met allerlei toevoegingen ('ik weet het heel zeker dat...') wordt 'weten' ineens een stuk minder factief. Ik vraag me af of je dat ook kunt doen met 'het is me bekend.'

      Ook je voorbeelden 5/6 en 7/8 onderschrijf ik, maar dan wel met flinke klemtoon op het eerste woord.

      Verwijderen
  5. En stel nou je schrijft een zin als deze: 'Hij gaat zijn examens niet halen', bevestig je een dergelijke bewering dan met 'dat denk ik ook' of 'dat denk ik ook niet', of zijn beide opties mogelijk? Immers, 'Ik denk ook dat hij zijn examens niet gaat halen' is een mogelijkheid, maar 'Ik denk ook niet dat hij zijn examens gaat halen' ook.

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Naar mijn gevoel zijn beide opties mogelijk. De eerste ligt natuurlijk voor de hand (je bevestigt dat je hetzelfde denkt), maar ook de tweede lijkt mij mogelijk.

      Ik moet wel zeggen dat het niet met alle bijwoordelijke bepalingen kan. Op 'Hij gaat zijn examens nooit halen' kun je niet zo makkelijk antwoorden 'Dat denk ik ook nooit,' maar dit komt overeen met het gedrag van bepalingen in de zin zelf. Ook 'Ik denk nooit dat hij zijn examens gaat halen' komt naar mijn idee niet helemaal overeen met 'Ik denk dat hij zijn examens nooit gaat halen.' De kale ontkenning 'niet' lijkt hier een speciale plaats in te nemen.

      Verwijderen