vrijdag 20 oktober 2006

De taalprof ontsnapt



De taalprof is terug! Was hij weg dan? Misschien heeft niemand het gemerkt, maar wekenlang zat de taalprof gevangen, bijna zonder enige mogelijkheid tot communicatie met de buitenwereld. Alleen via een pocketcomputer die in zijn handpalm was geïmplanteerd kon hij af en toe een vraag beantwoorden op zijn weblog. Wat was er gebeurd?


Handlangers van het Grammaticale Onbenul hadden de taalprof op slinkse wijze in een ivoren toren gelokt, en opgesloten achter een IJzeren Rooster. Op water en brood moest hij het zien uit te houden, en het enige wat hij kon doen was de grammaticale nood lenigen van zijn medegevangenen. En die was niet gering! Huilende vrouwen die geen woorden meer konden benoemen, volwassen mannen die als een razende op zinnen stonden in te hakken, de chaos was met geen pen te beschrijven. De taalprof deed wat hij kon, maar zelfs hij heeft maar een beperkt aantal hersencellen.


Hoe is de taalprof dan ontsnapt? Hoe heeft hij het IJzeren Rooster kunnen doorbreken? Dat ging zo:


De dagen begonnen al te korten, de schaduw van het Grammaticale Onbenul verspreidde zich steeds verder over het land. Starend uit het raam zag de taalprof de ongrammaticale winter naderbij komen. Toen herinnerde hij zich het ontleedmesje dat hij altijd voor noodgevallen in zijn schoenzolen heeft verstopt. Daarmee was het IJzeren Rooster snel geopend, en alle gevangenen konden uit hun benarde toestand worden verlost.


Ook de taalprof was weer op vrije voeten. Hij zoog zijn longen vol frisse lucht, spuugde eens in zijn handen, en trok het land in. Op zoek naar grammaticale nood, en de beslissende ontmoeting met het Grammaticale Onbenul. Want eens komt die dag. Eens zullen de taalprof en het Grammaticale Onbenul rechtstreeks tegenover elkaar komen te staan. Dat is het moment van de waarheid. Gaat de grammatica ten onder en gaan de taalgebruikers voortaan als taalzombies door het leven? Of delft het Grammaticale Onbenul het onderspit, en breekt voor de grammatica de zon door?  Niemand die het kan voorspellen.


Daar gaat dan de taalprof. Tegenslagen overwint hij, de wind striemt zijn gelaat. Maar hij ploetert voort. Het lot tegemoet.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen