vrijdag 30 juni 2006

Het taalkundige fruitvliegje



"Zeg, kun jij op jouw weblog niet eens aandacht besteden aan voornaamwoorden?"
"Wie, ik?"
"Bijvoorbeeld. Maar andere voornaamwoorden mag ook."
"Wat?"
"Is ook prima. Als het maar over voornaamwoorden gaat."
"Hoezo?"
"Nee, dat is volgens mij geen voornaamwoord. Maar dat weet jij beter dan ik."
"..."
"Hallo, ben je daar nog?"
"Nee, ik stond even op het verkeerde been. Maar wat wil je dan weten over voornaamwoorden?"
"Man, ik heb daar helemaal geen overzicht over. Het zijn er zo'n hoop, en al die verschillende soorten, ik kan ze echt niet uit elkaar houden, het duizelt me gewoon."
"Toch zijn het er maar een paar."
"Ja dat kun je nou wel zeggen, maar je wordt er mee doodgegooid in de grammaticalessen. Persoonlijk voornaamwoord, bezittelijk, vragend, betrekkelijk, en niet te vergeten wederkerUND en wederkerIG, waarom moet dat zo specialistisch? Ik ben toch geen taalkundige?"
"Toch bestaan er nog geen honderd voornaamwoorden in het Nederlands."
"Nou me dunkt!"
"Vergeleken bij die paar honderdduizend zelfstandige naamwoorden is het niets."
"Die vind ik anders een stuk makkelijker."
"En er komt er nooit eentje bij, terwijl er elke dag wel een nieuw zelfstandig naamwoord ontstaat."
"Maar die zelfstandige naamwoorden worden niet in allerlei speciale ondersoorten verdeeld, en die paar voornaamwoorden dan ineens wel. Waarom is dat dan?"
"Dat komt omdat ze betekenisarm zijn."
"Ze zijn wát?"
"Betekenisarm. Ze hebben weinig betekenis."
"Nou ben je me ineens helemaal kwijt. Voornaamwoorden hebben dus weinig betekenis, en daarom heb je allerlei klassen nodig om ze te verdelen? Daar kan ik met mijn gezonde verstand niet bij."
"Toch is het niet zo vreemd. Denk maar aan het fruitvliegje."
"Het fruitvliegje?"
"Ja. Het fruitvliegje is het meest gebruikte proefdiertje bij allerlei biologisch onderzoek. Waarom? Omdat het relatief eenvoudig in elkaar zit."
"Ik dacht dat het was omdat er gewoon een hoop van zijn."
"Nee, het is juist de eenvoud die het geschikt maakt om te onderzoeken. Daardoor is het gemakkelijker om op zoek te gaan naar kleine kenmerken, die ook in complexe organismen optreden, maar die je daar veel minder makkelijk kunt isoleren."
"Jaja. Dus het voornaamwoord is het fruitvliegje voor de taalkundigen?"
"Precies. Doordat het voornaamwoord vaak maar een paar kleine betekenisaspecten heeft, kun je de rol daarvan in een grotere zin veel beter bestuderen."
"Dat kan ik snappen."
"Neem bijvoorbeeld het betekenisaspect "dichtbij". Dat is precies het verschil tussen die en deze, en tussen dat en dit. Alleen tussen voornaamwoorden heb je dit soort kleine verschillen."
"Okee…"
"Daarom zijn er ook al die klassen. Het woordje wie is in principe hetzelfde als zij, maar dan met het extra kenmerk "vragend". En iemand is hetzelfde als hij of zij, maar dan zonder dat geslachtsonderscheid en je kunt er niet een specifieke persoon mee bedoelen. Bij hij of zij is altijd duidelijk wie je bedoelt, bij  iemand introduceer je meer een nieuwe persoon in het gesprek. Heel interessant allemaal."
"Hmm, toch zou ik daar nog wel wat meer van willen weten. Ik geloof nu wel dat het allemaal verschrikkelijk interessant is, maar dat lost mijn probleem niet op. Ik kan al die voornaamwoorden nog steeds niet uit elkaar houden. Heb je daar geen handige ezelsbruggetjes voor?"
"Goed, ik wil er graag iets over vertellen, maar dan zonder ezelsbruggetjes. Ezelsbruggetjes zijn alleen voor ezels, en je zou toch niet willen dat ik jou als een ezel beschouw?"




Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen